| Aanmelding en toelating | ||||
| Leerlingen van 12 jaar en ouder kunnen worden aangemeld bij een school voor Praktijkonderwijs. De aanmelding wordt gedaan door de ouders/verzorgers van de toekomstige leerling. | ||||
| Vooraf vinden intakegesprekken
plaats tussen ouders/verzorgers, toekomstige leerling en orthopedagoog. Tijdens de gesprekken wordt informatie
uitgewisseld. Daarna wordt het aanmeldingsformulier ingevuld. Hierbij wordt tevens aan de ouders/verzorgers toestemming gevraagd om bij de school van herkomst en eventueel andere instanties de gegevens van de toekomstige leerling op te vragen. |
||||
| Na de officiële aanmelding worden de relevante gegevens opgevraagd bij de school van herkomst. Dit betreft de psychologische, pedagogisch-didactische, medische gegevens. | ||||
| Bovengenoemde gegevens worden
aangeboden aan de Regionale VerwijzingsCommissie (RVC) en de Permanente
Commissie Leerlingenzorg (PCL). De RVC bepaalt of een leerling al dan niet
toelaatbaar is voor het Praktijkonderwijs. Bij twijfel zal de PCL een advies
uitbrengen.
Pas na een positieve beschikking van de RVC mag een leerling ingeschreven worden. |
||||
|
Bijzondere aanmeldingen: Leerling-gebonden financiering |
||||
| Op onze Praktijkschool vallend onder de Dunamare Onderwijsgroep wordt bij een aanmelding van: | ||||
|
1 |
een leerling met een positieve beschikking van een commissie voor indicatiestelling (ook wel een leerling met een rugzak genoemd); | |||
|
2 |
een leerling met een positieve beschikking van de RVC of van de PCL van het samenwerkingsverband; | |||
|
3 |
of een leerling die wordt teruggeplaatst van een speciale school; | |||
| aan de hand van de voorwaarden de onderwijskundige vragen van het kind doorgenomen. | ||||
| De criteria voor toelating tot het Praktijkonderwijs zijn: | ||||
| - | een IQ tussen 60 en 80; | |||
| - | een leerachterstand van tenminste 3 jaar; | |||
| - | sociaal-emotionele problematiek. | |||
| Vervolgens wordt aan de hand van deze onderwijskundige vragen bezien of de school in staat is de onderwijskundige antwoorden te bieden. Centraal in die beantwoording staat het belang van het kind en de mogelijkheden van de school om het ontwikkelingsproces van het kind te ondersteunen. | ||||
| De school kan bij die beantwoording gebruik maken van de ondersteuning van bijvoorbeeld een school aangesloten bij een Regionaal Expertise Centrum en/of van de mogelijkheden die het samenwerkingsverband VO-SVO biedt. | ||||
| De directie (en uiteindelijk het
bevoegd gezag) besluit tot toelating of weigering. In het algemeen zal in bijzondere gevallen binnen de voor de school omschreven kaders per leerling een afweging, voor wel/niet toegelaten worden, worden gemaakt. |
||||
| Ouders/verzorgers worden schriftelijk en beargumenteerd in kennis gesteld over de beslissing. | ||||